Nieuws

Pauwels Consulting op de Marathon van New York 2013

05 dec 2013
Op zondag 3 november 2013 liepen Bert Pauwels en Niels Declerck de legendarische marathon van New York. En hoe! Bert liep de marathon in 4u40’ uit. Niels liep de marathon zelfs in 2u50’ uit. Een absolute supertijd! Wij vroegen Bert en Niels hoe zij de marathon beleefd hebben.

“De marathon van New York is een gigantisch zotte ervaring!”

Bert en Niels. Van harte gefeliciteerd met jullie prestatie in New York. Hoe hebben jullie de marathon ervaren?

Niels: Als een gigantisch zotte ervaring! Goed georganiseerd en erg indrukwekkend allemaal!

Bert: Ik heb het net zo ervaren. Alles was strak georganiseerd. En dat voor zo’n massa-event.

Hoe zag jullie ’marathondag’ eruit?

Niels: Zondagochtend werden we door een bus van ING opgehaald aan het hotel. Die bus bracht ons naar Staten Island, waar we door de politie naar de startlijn begeleid werden. Daar hebben we een uurtje moeten wachten voor de start van de marathon.

Een uur? Dat is wel erg lang als je eraan wil beginnen, niet?

Bert: Dat uurtje wachten viel goed mee! We werden immers goed verzorgd door de mensen van ING. ING had onze rugnummers gesponsord en zij hebben ook op de avond voor de marathon, tijdens en na de marathon goed voor ons gezorgd. Wij werden met een bus naar Staten Island gevoerd maar de meeste deelnemers gingen met de taxi of de metro en de ferry naar Staten Island. Velen onder hen hebben een aantal uur in de kou staan wachten voor de start van de marathon. Ons uurtje wachten viel dus goed mee!

“Het was bijzonder om die toplopers van dichtbij te zien.”

En toen was het opeens zover. Hoe zag de start eruit?

Niels: Overweldigend!

Bert: Wat wil je? Niels mocht van op de eerste rij starten! Dat heeft hij te danken aan de scherpe tijden die hij eerder al liep. Het uitzicht moet daar geweldig geweest zijn (lacht).

Niels: Die eerste rij was inderdaad mooi. De start bevond zich aan de voet van de Verrazano-Narrows Bridge. Die brug verbindt Staten Island met Brooklyn. De profs stonden klaar op de rechterkant van de brug; wij stonden klaar op de linkerkant van de brug. Toen gingen we van start. Omdat we aan de voet van een brug begonnen ging het meteen omhoog. Een pittige start dus. Maar een mooie start ook, want na een paar honderd meter werden wij ingehaald door de profs. Die waren 200 meter achter ons gestart. Het was bijzonder om die toplopers van dichtbij te zien.

En heb je aangepikt bij de elite-renners?

Niels: Nee, dat zou een slecht idee geweest zijn (lacht). Dat zou ik later zeker bekocht hebben. Ik heb me gewoon aan mijn tempo gehouden en me op mijn marathon geconcentreerd. Maar van dat moment heb ik wel enorm genoten!

“Ik heb weinig tot geen vlakke stukken gezien.”

Hoe heb je de marathon verder ervaren?

Bert: Ik vond het zeer fijn om deze marathon te lopen. Vanaf de Verrazano-Narrows Bridge tot aan de finish stond er gigantisch veel volk, soms wel vier lijnen breed. En elke honderd meter was er wel een DJ of een bandje om de lopers en te toeschouwers te entertainen.

Niels: De mensen langs de weg hadden ook de gekste vlaggen en bordjes gemaakt om de lopers te steunen en te entertainen. Dat was een erg leuke verrassing want het parcours was anders best lastig. Het parcours was immers verrassend heuvelachtig. Ik heb weinig tot geen vlakke stukken gezien.

Bert: Ook de wind stond in ons nadeel. De marathon van New York heeft veel lange rechte stukken. En de wind stond net verkeerd. We hebben heel de race zo’n 30km/u kopwind gehad, en dat hebben we wel gevoeld (lacht).

“De beveiliging was indrukwekkend.”

In de media verschenen er ook verhalen over een erg scherpe beveiliging van de marathon?

Bert: Inderdaad. De beveiliging was indrukwekkend. Bij de start hing er een tiental helikopters in de lucht. Die hebben ons de hele race gevolgd. Onder de bruggen mocht tijdens de marathon ook niet gevaren worden uit angst voor aanslagen. En voor en na de wedstrijd werden we ook uitgebreid gecontroleerd.

Niels: Ik heb ook veel politie en bomhonden gezien. Overal. Niet een, twee of vier agenten, maar tien of twintig agenten per keer. Langs het hele parcours stonden ook mobiele cameratorens: politieauto’s waar een ’cameratoren’ uitschuift. Alles werd opgenomen.

Bert: Ik heb zelfs gelezen dat de politie voor de race 1,400 privé camerapunten heeft geregistreerd om snel te kunnen reageren bij incidenten.

“De marathon leeft echt bij het publiek!”

Was de organisatie van de marathon zelf ook zo indrukwekkend?

Bert: Zonder twijfel! De organisatie was top. Als je bedenkt dat de organisatie meer dan 50,000 lopers heeft ontvangen… ik heb nooit het gevoel gehad dat het niet goed georganiseerd was. Alles ging ’smooth and easy’.

Niels: Verder stond er elke mijl een bevoorradingspost op het parcours. Daar kon je sportdrank, water en sportsnacks oppikken. En de toeschouwers langs de weg hadden ook soms gesneden bananen en sinaasappels voor de lopers. ’Free for runners’ stond er dan. De marathon leeft echt bij het publiek!

Niels, jij heb de marathon uitgelopen in 2u50’. Dat komt neer op een verschroeiend gemiddelde van 15,3 kilometer per uur. Je kwam als 289ste over de finish en je hebt hiermee meer dan 50,000 mensen achter je gelaten. Wat doet dat met jou?

Niels: (glimlacht) Op zich niet zoveel. Ik ben vooral tevreden dat ik mijn doel behaald heb. Gezien de omstandigheden (een heuvelachtig parcours en veel wind) ben ik daar zeer blij mee.

Heb je tijdens de race gedacht dat je de gehoopte tijd van 2u50’ niet zou halen?

Niels: In het begin dacht ik dat ik de 2u50’ niet zou halen. Maar ik kon mijn tijd tijdens de race voortdurend opvolgen. Toen ik zag dat mijn eerste halve marathon in 1u21’ gelopen had wist ik dat ik nog wat mocht terugvallen en dat de 2u50’ nog haalbaar was. Toen wist ik dat het kon lukken.

“Ik had niet zoveel tijd om na te denken.”

Waar hebben jullie tijdens de marathon aan gedacht?

Bert: Ik had niet zoveel tijd om na te denken. Ik werd voortdurend verwonderd. De passionele supporters hebben een grote indruk op me gemaakt. En omdat mijn tempo niet zo hoog was heb ik ook echt kunnen genieten onderweg.

Niels: (glimlacht) Ik liep misschien wel wat sneller, maar ik heb ook genoten van alle mensen en entertainment onderweg. Ik heb mijn race ook heel bewust beleefd: ik heb elke mijl gedronken en elk half uur een ’gelletje’ gegeten. Ik heb ook mijn hartslag voortdurend in de gaten gehouden.

Bert: Op het parcours liepen ook veel mensen verkleed rond. Lopers in berenpak, in kostuum of in de Duitse vlag… Ik heb het allemaal gezien. Ik heb er tijdens de marathon zelfs een aantal foto’s van kunnen maken.

“Na 15 kilometer zag ik opeens mijn vriendin op een groot scherm langs de weg!”

Wat was je mooiste moment en waarom?

Niels: Voor de wedstrijd konden familie en vrienden foto’s insturen en filmpjes inspreken. Mijn familie en mijn vriendin hadden dat ook gedaan. Na 15 kilometer zag ik zo opeens mijn vriendin op een groot scherm langs de weg en na 25 kilometer mijn familie. Dat gaf een onwaarschijnlijke boost! Ook het moment dat ik op de Verrazano-Narrows Bridge tussen alle toppers liep was erg mooi. En over de finishlijn komen natuurlijk. Dat gevoel ik fantastisch.

Bert: Voor de marathon had ik een moment waarop ik dacht ”Ik sta hier en ik ga dit gewoon doen.” Na de wedstrijd had ik een heerlijk voldaan gevoel. Super.

Heb je voor de wedstrijd angst of stress gekend?Bert: Nee, niet echt.

Niels: (lacht) Jawel Bert. De dag voor de wedstrijd was je er toch mee bezig.

Bert: Tja, ik was er wel mee bezig omdat ik vooraf geen rekening had gehouden met de wind. Ik wist dus niet waaraan ik mij moest verwachten. Daar was ik inderdaad wel mee bezig ja. (lacht)

“Mijn hoofd wilde nog wel maar mijn lichaam protesteerde even.”

Heb je tijdens de wedstrijd ook moeilijke momenten gekend?

Bert: Natuurlijk (glimlacht). De eerste 35 kilometer liep ik zeer comfortabel. Maar toen kreeg ik opeens ademhalingsproblemen en werd ik toch wel lichtjes gedwongen om mijn tempo te verlagen. Daar heb ik een kwartiertje tijd verloren maar het kon even niet anders.

Niels: Bij mij ging het ook minder na 30 à 35 kilometer. Ik herinner me nog dat we aan het einde van First Avenue liepen. We hadden wind op kop, een lang stuk bergop en we moesten nog aan een brug beginnen. Daar begon het zwaar door te wegen.

Hoe hebben jullie deze momenten dan overwonnen?

Bert: Ik heb mijn tempo verlaagd en een paar stukjes gewandeld. Het moest gewoon. Mijn lichaam had dat nodig om te recupereren. Mijn hoofd wilde nog wel maar mijn lichaam protesteerde even. Dan kun je beter naar je lichaam luisteren.

Niels: Ik heb een gel met cafeïne genomen. En ik heb op het einde ook mijn muziek opgezet. Tijdens de marathon heb ik niet naar muziek geluisterd omdat je jezelf dan voorbij kunt lopen. Je kunt beter op je eigen ritme lopen, niet op dat van de muziek. Maar op het einde gaf mijn muziek wel een extra boost.

“Ik was kapot! Alles deed pijn, vooral mijn benen.”
Hoe voelden jullie je meteen na de marathon?

Niels: Kapot! Het contrast tussen lopen en wandelen was erg groot. Ik kon niet meer normaal wandelen. Alles deed pijn, vooral mijn benen. En toen hoorden we dat we omwille van de beveiliging via een omweg van 5 (!) kilometer naar ons hotel moesten lopen. Dat was er even teveel aan.

Bert: We hebben na de race inderdaad nog een uur en een kwartier gewandeld. Ik herinner me dat ik extreem afkoelde. Bij de finish hadden we al wel een thermisch dekentje gekregen, maar pas drie kwartier later kregen we een goede warme poncho. Dat was iets te laat.

Hoe voel je je nu, een aantal dagen na de marathon?

Niels: Goed. Ik heb twee dagen na de marathon nog veel last gehad van mijn benen. Ik kon even moeilijk op en van de trap lopen. Nu gaat het weer goed. Ik ben gelukkig nooit ziek geweest, want dat kan ook gebeuren. Ik heb enkel pijn gehad (lacht).

Bert: Ik heb nooit pijn gevoeld. Ik ben ook niet stijf geweest. Daar ben ik erg blij om. (lacht)

“Ik ben meteen weer naar het werk gereden.”

Wat heb je na de marathon nog gedaan?

Bert: ’s Avonds hebben we steak met frietjes gegeten en wijn en pintjes gedronken.

Niels: Ter compensatie. (lacht)

Bert: Inderdaad. Maandag hebben we onze medaille nog laten graveren en ’s avonds zijn we terug naar België vertrokken. We hebben maandag dus niet veel bijzonders meer gedaan. Dinsdagochtend zijn we aangekomen. Ik ben meteen weer naar het werk gereden.

Niels: En ik nog twee dagen vrij genomen om te recupereren. (lacht)

 

Opmerking

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Contacteer ons

Heb je vragen voor ons? Neem contact op!

Joke Roggeman Welcome Officer